| |
|
|
|
|
(2005) Maring, Jan Gerard
Is de werking van een antikankermedicijn bij een patiënt genetisch bepaald? En hoe gedraagt zo’n middel zich in het lichaam? Jan Gerard Maring verrichtte onderzoek naar deze ‘farmacogenetica’ en ‘farmacokinetiek’ om tot een veiliger gebruik van medicijnen tegen kanker te komen.
Zo ontdekte hij dat patiënten met leveruitzaaiingen geen aangepaste dosis van het middel
5-fluorouracil nodig hebben, omdat de farmacokinetiek niet wordt beïnvloed door verstoringen in de leverfunctie die ontstaan bij uitzaaiingen. Daarentegen blijkt een bepaald eiwit wel van zeer groot belang. Bij patiënten met een genetisch bepaald gebrek hieraan - 1 à 2 procent van de bevolking - heeft de behandeling zeer ernstige bijwerkingen, want normaal zou dit eiwit zorgen voor de afbraak van het middel 5-fluorouracil. Het blijkt dat met een test voorafgaand aan de behandeling bekeken kan worden of de patiënt die eiwitdeficiëntie heeft.
Vervolgens onderzocht Maring het middel gemcitabine. Deze stof maakt kankercellen gevoeliger voor bestraling. De promovendus toonde aan hoe dit werkt: gemcitabine blijkt een specifiek DNA reparatiemechanisme te belemmeren. Bij longkankerpatiënten die een combinatiebehandeling krijgen van gemcitabine en epirubicine komt nogal eens mondslijmvliesontsteking voor. Maring onderzocht of dit komt door de uitscheiding van beide stoffen in speeksel, maar er blijkt slechts een geringe uitscheiding te vinden. Verder blijkt dat de farmacokinetiek van gemcitabine niet wordt beïnvloed door epirubicine. De verschillen in DNA codering van het eiwit dat gemcitabine afbreekt hebben geen belangrijke klinische effecten.
Gebruik a.u.b. deze link om te verwijzen naar dit
document:
http://irs.ub.rug.nl/ppn/270753125 |
Meer informatie in de catalogus
Meer informatie in Picarta
Afdrukken op bestelling.
|
|
| |
| To top
|
| |
© 2003-2007 RUG : De Rijksuniversiteit Groningen heeft de rechten van deze repository. Alle rechten voorbehouden. Powered by WildFire
| |