| |
|
|
|
|
(2000) Swaanenburg, Jozef Cornelis Jacobus Maria
Van oudsher is bloedonderzoek een belangrijk hulpmiddel om hartspierschade vast te stellen. Dit berust op het feit, dat tot het hartweefsel behorende stoffen (ook wel 'cardiac markers' genoemd) in de bloedbaan terecht komen na het afsterven van hartspiercellen. In het algemeen is het zo, dat er een continu proces is van hartspiercellen, die delen en afsterven. Dit leidt ertoe, dat er constant cardiac markers aanwezig zijn in het bloed. Schade aan de hartspier leidt tot een verhoging van de concentratie van cardiac markers in het bloed, omdat door de schade een verhoogd aantal hartcellen afsterft. Na verloop van tijd verdwijnt deze verhoogde hoeveelheid cardiac markers weer uit de bloedbaan, doordat deze stoffen verder worden afgebroken, worden opgenomen in de lever of het lichaam verlaten via de nieren door middel van uitscheiding in de urine.
Het doel van dit proefschrift beschreven onderzoeken is het vergelijken van de toepasbaarheid van 'standaard' cardiac markers t.o.v. de 'nieuwere' cardiac markers voor het vaststellen van hartschade met verschillende oorzaken. De volgende oorzaken van hartschade worden in de verschllende hoofdstukken besproken: ischemie van het hart, hartschade na stomp letsel, hartschade na grote (niet hart-) operaties, hartschade na hartoperatie en harschade gerelateerd aan kwaadaardige ziekten. ...
Zie: Chapter 12
Gebruik a.u.b. deze link om te verwijzen naar dit
document:
http://irs.ub.rug.nl/ppn/228224616 |
Meer informatie in de catalogus
Meer informatie in Picarta
|
|
| |
| To top
|
| |
© 2003-2007 RUG : De Rijksuniversiteit Groningen heeft de rechten van deze repository. Alle rechten voorbehouden. Powered by WildFire
| |